De Tango is ontstaan in Argentinië, in de ordinairste wijk van de hoofdstad Buenos Aires: "Barrio de las Ranas".
Oorspronkelijk werd de Tango in sommige kringen gezien als een ordinaire, vulgaire dans, en mocht dus ook niet gedanst worden. Ook in Europa en Amerika werd de Tango terughoudend ontvangen en werd pas na 1920 algemeen geaccepteerd.
De Tango wordt gedanst op muziek in tweekwarts maat met bij-accenten. De ballroom tango lijkt wel enigszins op de oorspronkelijke Argentijnse tango. In tegenstelling tot de oorspronkelijke Tango bezit de muziek een strikt tempo van omstreeks 30 maten per minuut. Daardoor is de dans wat vlakker en heeft deze een minder sensueel karakter.
De strakke, staccato bewegingen, met name de hoofdacties van de dame, zijn kenmerkend voor de ballroom tango.
